Faalangst

(Hoog)begaafde kinderen doen op de basisschool nauwelijks faalervaringen op. Zij leren niet van jongs af aan, dat fouten maken mag en hoe het voelt om te oefenen voor iets waarvan je graag wilt dat het je zal lukken. Als ze er aan gewend zijn dat altijd alles lukt (zonder inspanning), streven zij steeds meer naar perfectie: een mislukking wordt niet geaccepteerd en de lat wordt steeds hoger gelegd.

(Hoog)begaafde kinderen zijn dikwijls ook hooggevoelig, waardoor een opmerking, berisping of kritiek heel persoonlijk kan worden opgevat. Dit alles bij elkaar kan zorgen voor een onzeker zelfbeeld. Ook verwachtingen van anderen, zoals ouders, leerkrachten of andere mensen uit de naaste omgeving kunnen van invloed zijn. Zodanig dat kinderen, op het moment dat het er op aan komt, blokkeren en niet meer helder kunnen nadenken.